Behangen

Het is bijna altijd beter om oud behang eerst te verwijderen. Alleen als het nog strak, vlak en netjes op de muur zit en geen vinyl/waterafstotende laag heeft valt het te overwegen. Was het behang af met lauw water met een scheutje ammoniak.

Oud behang verwijderen doe je door het goed nat te maken met lauw water en het er in zo groot mogelijke stukken vanaf te trekken. Gebruik een plantenspuit of spons. Een plamuurmes is handig om een beginnetje te maken. Doe een scheutje afwasmiddel of schoonmaakazijn in het water als het behang niet zo goed water opneemt. Pulk alle kleine restjes eraf totdat de ondergrond glad is.

Behang met een waterafstotende laag kun je bewerken met een staalborstel, schuren met schuurpapier of maak er kleine sneetjes met een stanleymes in.

Vaak is het sneller en netter om stopcontacten en plinten te verwijderen in plaats van eromheen te behangen.

Doe ruim voldoende lijm op het behang zodat je een opgeplakte baan nog iets kunt verschuiven.

Plak de eerste strook behang altijd loodrecht langs een loodlijn. Je kunt een loodlijn aftekenen met behulp van een touwtje, van plafond tot vloer, waar iets zwaars aan hangt. Deurposten, hoeken e.d. zijn meestal niet 100% loodrecht en zijn geen goed ijkpunt.

Als je een stukje moet vervangen scheur het dan op maat in plaats van te knippen. De "naden" zijn dan minder zichtbaar.